Search
Close this search box.

De wooncrisis laat zien hoe weinig zeggenschap de burger heeft

Vorig jaar kwamen achttienduizend mensen naar Het Woonprotest. De demonstratie zette de wooncrisis op de kaart, maar sindsdien is er bar weinig veranderd. Daarom is er nu een tweede protest, pal in het centrum van de hoofdstad. Jacobin spreekt Melissa Koutouzis, een van de organisatoren.

Jacobin #1 over Zorgen komt uit.
Abonneer je voor €30 en ontvang hem in Mei.

Na de manifestatie op de Dam willen jullie een mars tegen leegstand houden, die dwars door de Kalverstraat gaat. De gemeente geeft geen akkoord om dit te faciliteren. Waarom willen jullie per se door deze winkelstraat lopen?

De Kalverstraat symboliseert dat de stad niet van ons is, maar van het kapitaal. In Amsterdam staan negentienduizend woningen leeg, terwijl de nood zo hoog is! Boven de winkels in de Kalverstraat is veel leegstand. Winkelketens vinden het te veel gedoe om die woningen voor huurders beschikbaar te stellen, en bijvoorbeeld extra ingangen te maken. De gemeente monitort die leegstand trouwens nauwelijks. Meestal wordt leegstand door oplettende buren gemeld en dat gebrek aan een overzicht aan leegstand is deel van het probleem. Door actiegroepen als Niet te koop, die elke week een rondje door de stad doen, weten we enigszins hoe het ervoor staat. Nu de schaarste zo groot is, is het onacceptabel dat de gemeente leegstand toelaat en creatieve oplossingen – zoals woningen in de Kalverstraat  – niet afdwingt.

Er is wel steeds meer aandacht voor de wooncrisis, ook in de politiek.

Anderhalf jaar geleden zorgden wij ervoor dat de wooncrisis op de politieke agenda kwam. Nu is er al een tijd aandacht, maar waar blijven de oplossingen dan? Hugo de Jonge heeft vast zijn hart op de goede plaats, maar aan goede intenties hebben we weinig. Die ‘plannen van Hugo’ zijn ook echt veel te mager.

Een huur boven de zeshonderd euro is niet sociaal.

Wat is er zo mager aan?

Hij wil de vrije sector meer reguleren. Natuurlijk juichen wij dat toe. Helaas zijn de regulatieplannen veel te soft. Alleen woningen met een huur tot 1100 euro worden straks gereguleerd en dat geldt enkel voor nieuwe huurcontracten. Huurders die nu al veel te veel betalen, schieten er dus niets mee op. Bovendien kan het perverse prikkels veroorzaken; verhuurders kunnen het puntensysteem manipuleren door bij wijze van spreken nog even snel een ‘gouden kraan’ te installeren en komen zo toch boven de 1100 euro uit.

Ondanks de crisis blijft de politiek de belangen van grondspeculanten, projectontwikkelaars en vastgoedeigenaren zwaarder wegen dan het recht op wonen. Hun lobby heeft nog steeds veel meer in te brengen dan de burger en zo blijft het dweilen met de kraan open.

Wat moet er dan gebeuren?

Wij pleiten voor betaalbaar wonen voor iedereen. Wonen is een recht. Nu kunnen zo’n 800.000 mensen hun huur amper betalen. Ze slaan dan maar een avondmaaltijd over om niet dakloos te worden.

Ons streven is een brede toegankelijke volkshuisvesting en een uitbreiding van de sociale huursector. De afgelopen tien jaar zagen we een grote afname van het sociale huurwoningenbestand. Corporaties verkochten, sloopten en liberaliseerden een groot deel van hun woningen en er kwam niets voor terug. De VVD doet nu heel moeilijk over een minimumeis van dertig procent sociale huur in steden. Maar de vraag naar sociale/betaalbare huur is in de grote steden veel groter dan dit percentage.

Amsterdam heeft bijvoorbeeld veertig procent sociale huur, maar gezien het inkomen van veel mensen in de stad is veertig procent een te laag percentage. Officieel mag de stad zich als de dertig procent-eis is bereikt gaan richten op middenhuur, maar daar is in Amsterdam minder behoefte aan.

Een ‘scheefwoner’ ben je alleen
als je in een sociale huurwoning woont.

Hugo de Jonge wil toch ook betaalbare woningen?

Hugo de Jonge herhaalt steeds dat tweederde van de woningen betaalbaar moeten worden. Mijn grote ergernis is dat journalisten nooit doorvragen; “Minister, wat verstaat u dan onder betaalbaarheid?”

Zo betaalbaar is sociale huur namelijk niet meer. Niet alleen in de vrije sector, maar ook in de sociale huur en de ‘middenhuur’ zijn de huurlasten de afgelopen jaren fors gestegen. Een huur boven de zeshonderd euro is niet sociaal. En servicekosten worden dan niet eens meegerekend. Zogenaamde ‘middenhuur’ wordt als oplossing voor het tekort aan sociale huurwoningen gebracht, maar deze woningen zijn nog duurder en het probleem is nou juist dat er te weinig betaalbare woningen zijn.

Veel sociale huurwoningen zijn slecht geïsoleerd. Ook daar nemen de overheid en corporaties te weinig verantwoordelijkheid. Met de energiecrisis zie je nu dat de mensen met het minste vermogen de hoogste rekeningen betalen.

De vraag is: willen we een fundamenteel ander systeem voor wonen, omdat het een basisrecht is, of willen we dat niet?

Mij lijkt van wel.

De wooncrisis is een democratisch probleem. Aan de wooncrisis kun je goed zien hoe ongelijkheid werkt. Kopers hebben meer dan negentig procent van het vermogen in Nederland in handen. En je ziet dus ook dat een subsidie als de hypotheekrenteaftrek als heilig huisje in politiek beleid overeind blijft staan.

Maar het gaat veel verder dan dat. Een ‘scheefwoner’ ben je alleen als je in een sociale huurwoning woont. Woon je in een koophuis dan gaat niemand je dwingen het huis uit te gaan als je kinderen het huis uit zijn, of wordt je verweten dat je te veel vierkante meters bezet. Als je iets meer bent gaan verdienen, wordt je huur niet verhoogd. Nee, je hebt juist mazzel dat je je hypotheek sneller kunt aflossen.

Met sociale huurders kan daarentegen geëxperimenteerd worden. Hun woningen kunnen gesloopt worden. Hun huur kan worden verhoogd en ze kunnen worden weggepest. In de jaren negentig verloren sociale huurders hun zeggenschap toen woningbouwverenigingen samen werden gevoegd in grote woningcorporaties die als bedrijven ‘gemanaged’ zouden worden. De schandalen bij Vestia en Rochdale hebben duidelijk gemaakt dat hier een hoop mis is gegaan. En nu zie je bijvoorbeeld met de ‘schimmelwoningen’ dat de corporaties de bewoners van hun woningen niet helpen.

Hoe verhouden jullie je nu tot de corporaties?

Met de nationale wooncoalitie Woonopstand hebben we vaker contact gehad met Aedes, een overkoepelend orgaan voor woningbouwcorporaties, maar na jarenlange huurverhoging willen zij niet alle huren bevriezen.

Ook hier is een gebrek aan transparantie het probleem. De corporaties kunnen niet aantonen dat voor elke sociale huurwoning die ze verkopen, slopen of liberaliseren er meer voor terugkomen. Hugo de Jonge wil in gemeenten minimaal dertig procent sociale huur bij nieuwbouw afdwingen. Om verschillende redenen zal de netto toevoeging lager uitvallen, onder andere omdat er ook corporatiewoningen gesloopt worden.

Ik bespeur bij de corporaties een zekere wereldvreemdheid. De mensen die er werken, wonen zelf niet in corporatiewoningen en zien vaak de urgentie van problemen niet in. Ze weten niet hoe het is om elke dag in een schimmelwoning wakker te worden en elke dag je kind zieker te zien worden. Als je in een koopwoning woont, denk je anders. De problemen van hun huurders lijken ze echt niet te snappen en ze grijpen dus veel te laat in.

De wooncrisis maakt duidelijk dat liberale politiek
een illiberale samenleving veroorzaakt.

Er is een aantal nieuwe initiatieven waarbij mensen zelf een woningbouwvereniging beginnen, net als georganiseerde arbeiders dat in de negentiende eeuw deden. Is dat de oplossing?

Ook zij lijden onder falende politiek. Zelfs in een ‘progressieve’ gemeente als Amsterdam wordt coöperatief wonen slecht gefaciliteerd. Dat zie je nu bij De Nieuwe Meent. Zij dreigen na vier jaar plannen failliet te gaan, omdat de gemeente door eigen fouten de vergunningverlening vertraagde. Inmiddels zijn de bouwkosten door de inflatie veel hoger geworden en krijgen ze niet meer tijd om extra leningen en investeerders te vinden. Grote projectontwikkelaars krijgen wel altijd uitstel.

Dat lijkt me een ongelijk speelveld.

De wooncrisis maakt duidelijk dat liberale politiek een illiberale samenleving veroorzaakt. Volgens de liberale ideologie is ‘vrijheid in je levenskeuzes’ het grootste goed, maar veel van die levenskeuzes worden door schaarste op de woningmarkt ingeperkt. Je wordt geen leraar, je neemt geen kinderen, je kunt niet scheiden, en ga zo maar door. 

Is demonstreren nog wel genoeg?

Nee. Eerlijk gezegd zijn we het protesteren allang voorbij. Natuurlijk wil ik dat zondag de Dam vol staat, maar nog liever zie ik dat mensen actief worden binnen de beweging en zich bij groepen aansluiten. Daarom hebben we op onze website ook een WhatsApp-link waardoor we mensen rechtstreeks kunnen bereiken en mobiliseren.

We moeten andere strategieën vinden om de manier waarop er winst met woningen wordt gemaakt economisch onaantrekkelijk te maken. Denk bijvoorbeeld aan huurstakingen en solidariteitsnetwerken voor mensen die uit hun huis worden gezet. Burgers moeten weer een actieve rol innemen. Wat in dertig jaar neoliberaal beleid is afgebroken moeten we wederopbouwen. We moeten de kracht van het collectief terugwinnen en dat gaat vast niet zonder slag of stoot. Zolang de overheid haar verantwoordelijkheid niet nakomt is collectief verzet niet enkel een recht maar een plicht.

Melissa Koutouzis organiseert het Woonprotest.
Tina Hoenderdos is redacteur van Jacobin Nederland.

Abonneer je voor €20 en krijg toegang tot alle artikelen of voor €30 en ontvang dit jaar twee nummers op papier