Search
Close this search box.

In de Kaukasus dreigt de volgende aanvalsoorlog

Al maandenlang blokkeert Azerbeidzjan de levering van voedsel en medicijnen aan de enclave Nagorno-Karabach en bereidt het een invasie voor. Armenië wendt zich wanhopig tot het Westen – maar dat heeft allang vrede gesloten met Bakoe.
Beeld: etnisch Armeense mensen slaan op de vlucht in Nagorno Karabach 2023. Bron: Wikimedia.

Jacobin #1 over ‘Zorgen’ is uit.
Abonneer je voor €30 en we sturen hem op.

Azerbeidzjan stuurt troepen naar de Armeense grens. In Bakoe zijn militaire transporten uit Turkije en Israël geland. Het teken van de Azerbeidzjaanse mobilisatie is een omgekeerde ‘A’ – de ‘Z’ van de Russische invasie in Oekraïne doet de groeten. De parallellen met de oorlog in Oekraïne zijn inderdaad onmiskenbaar, alleen worden ze in mijn geboorteland, Duitsland, genegeerd. En dat heeft nu al wrede gevolgen. De volgende oorlog kan elk moment uitbreken. 

Azerbeidzjan bewees zijn militaire superioriteit al in 2020, in een oorlog om Nagorno-Karabach – een enclave die bewoond wordt door Armeniërs. Destijds – het was nog vóór de Russische inval in Oekraïne – werd onder Russische leiding een staakt-het-vuren afgekondigd. Latere onderhandelingen om het conflict voor eens en altijd op te lossen, liepen echter op niets uit. 

Het conflict vindt zijn oorsprong in de vroege Sovjet-Unie, toen Moskou het in meerderheid Armeense Nagorno-Karabach bij de Sovjetrepubliek Azerbeidzjan indeelde. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie eiste de Armeense bevolking van Nagorno-Karabach aanvankelijk een hereniging met Armenië, maar Azerbeidzjan stond dit niet toe. Armenië wist de daaropvolgende oorlog te winnen. Toch wordt Nagorno-Karabach sinds die periode nog steeds beschouwd als deel van het Azerbeidzjaanse grondgebied. Economisch ligt de enclave aan de Armeense navelstreng en onderhoudt ze nauwe banden met Armenië, maar politiek gezien is ze grotendeels autonoom gebleven. 

Het autoritaire regime in Bakoe lijkt met het idee te spelen om naast Nagorno-Karabach, ook internationaal erkend Armeens grondgebied te annexeren. 

De Armeense president Nikol Pasjinjan heeft er nu mee ingestemd om de soevereiniteit van Azerbeidzjan over Nagorno-Karabach te erkennen. Hiermee aanvaardt hij de Armeense nederlaag van 2020 en dat maakt de weg vrij voor een oplossing. Het enige dat Armenië nog eist tegenover de Azerbeidzjaanse oorlogsmisdaden en dreigende taal van nu, zijn internationaal gewaarborgde garanties dat de bevolking van Nagorno-Karabach ongeschonden blijft. Azerbeidzjan is hiertoe echter niet bereid. Integendeel, het autoritaire regime in Bakoe lijkt te spelen met het idee om naast Nagorno-Karabach, ook internationaal erkend Armeens grondgebied te annexeren. 

 De hongerblokkade van Nagorno-Karabach

Ondanks de Armeense tegemoetkomingen is er dus weinig dat wijst op een regeling voor Nagorno-Karabach. De machthebber over Azerbeidzjan, Ilham Aliyev, heeft de concessies onvoorwaardelijk aanvaard, maar blijft zich voorbereiden op oorlog en blokkeert nog steeds de Lachin-corridor – die Nagorno-Karabach verbindt met Armenië en al negen maanden gesloten is. Je kunt het niet anders stellen dan dat dit een uithongeringsblokkade is – een even oud als wreed pressiemiddel dat natuurlijk in strijd is met het internationaal recht, en dat in Europa voor het laatst werd gebruikt in de Bosnische oorlog (door Servië, tegen de Bosnische enclave Srebrenica).

Voedsel en medicijnen zijn in Nagorno-Karabach schaars geworden. De eerste hongerdoden en miskramen als gevolg van ondervoeding en medicijngebrek, zijn gemeld. Mensen staan uren in de rij voor brood dat niet meer verkrijgbaar is. Luis Moreno Ocampo, voormalig hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof, heeft het daarom al over genocide.

Azerbeidzjaanse diplomaten laten openlijk doorschemeren dat etnische zuivering en genocide deel uitmaken van hun oorlogsplannen. Zo gaf Elchin Amirbayov, speciaal gezant uit Bakoe, een interview aan Deutsche Welle om het westerse publiek te overtuigen van de Azerbeidzjaanse kijk op de dingen. Eerst ontkende hij dat er sprake was van genocide, maar hij voegde eraan toe dat ‘genocide zou kunnen plaatsvinden als de separatistische kliek van Nagorno-Karabach aan haar doelen vasthoudt.’ De journalist van Deutsche Welle zweeg na deze dreiging tot volkerenmoord – volledig in lijn met het Duitse regeringsbeleid.

De woordvoerder van de Duitse regering, Steffen Hebestreit, omschreef rapporten zoals dat van Moreno Ocampo als ‘propaganda’, en het woord ‘genocide’ noemde hij in deze context ‘een strijdterm’. Na het wegvallen van de directe Russische gasleveringen heeft Duitsland grote belangstelling voor de energiereserves van de Kaspische Zee. In de zomer van 2022 beloofde Aliyev de Azerbeidzjaanse gasleveringen aan de EU tegen 2030 te verdubbelen. Commissievoorzitter Ursula von der Leyen prees Azerbeidzjan als een ‘stabiele partner’. En daar komt nog eens bij dat in tegenstelling tot wat met Rusland het geval was, Europa en Duitsland niet afhankelijk zijn van Azerbeidzjaanse gasleveranties: de leveringen omvatten ongeveer 7 procent van de jaarlijkse Europese import.

Wie het over Oekraïne heeft, mag niet zwijgen over de Kaukasus. Hier, net als daar, is er een strijd om dominantie over het post-Sovjetgebied gaande. Net als in Oekraïne, bedreigt een autoritaire petrostaat een land dat op weg is steeds democratischer te worden.

Wie wil, kan hier een echo van de geschiedenis horen: het Duitse Rijk kneep tijdens de Eerste Wereldoorlog willens en wetens een oogje dicht toen zijn Ottomaanse bondgenoten genocide pleegden op de Armeense bevolking.

Critici van het Duitse Kaukasusbeleid wijzen erop dat het door de Grünen geleide ministerie van Buitenlandse Zaken toch beloofd had om een ‘waardengedreven buitenlandbeleid’ te voeren. Zoals Karl Marx ooit zei: ‘In de politiek blameert de moraal zich altijd tegenover het belang.’ De meeste mensen die een beroep doen op de Duitse regering, zijn zich ervan bewust dat het Duitse buitenlandbeleid in de eerste plaats wordt geleid door belangen – en dat het gepraat over ‘waarden’ vooral wordt gebruikt om deze belangen in overeenstemming te brengen met het nobele Duitse zelfbeeld.

Helaas blijft er op dit moment niet veel over dan te wijzen op de tegenstrijdigheid tussen woord en daad. Het alternatief voor machtspolitieke naïviteit zou machtspolitiek cynisme zijn.

Wat verbindt Oekraïne met de Kaukasus

Duitse regeringsvertegenwoordigers ontkennen stelselmatig elke vergelijking tussen Oekraïne en Armenië. Maar wie het over Oekraïne heeft, mag niet zwijgen over de Kaukasus. Hier, net als daar, is er een strijd om dominantie over het post-Sovjetgebied gaande. En net als in Oekraïne, bedreigt een autoritaire petrostaat een land dat op weg is steeds democratischer te worden. Hier, net als daar, worden redenen verzonnen om een invasie een helaas onvermijdelijke verdedigingsdaad te laten lijken.

Zbigniew Brzeziński, net als Henry Kissinger een van de grote orakels van de Amerikaanse hegemoniale politiek, publiceerde na de Koude Oorlog een veelgelezen boek dat vandaag de dag opnieuw de moeite van het lezen waard is: The Grand Chessboard: American Primacy and Its Geostrategic Imperatives. Het gaat over het ‘grote schaakbord’ van de Euraziatische regio, die zich uitstrekt van West-Europa tot China. Het boek is een gids voor Amerikaanse geopolitici over hoe deze ruimte veilig te stellen is. Daarvoor is het belangrijk om bepaalde aslanden veilig te stellen – waaronder Oekraïne en Azerbeidzjan. Oekraïne moet volgens Brzeziński in de westerse baan blijven, omdat Rusland zonder Oekraïne geen Europese hegemoniale macht kan zijn. Azerbeidzjan is de ‘kurk’ op de ‘fles’ van de Kaspische Zee – ook Azerbeidzjan moet daarom op zijn minst neutraal zijn of, beter nog, zich naar het Westen richten.

Wie zich verdiept in het nationalistische conflict over Nagorno-Karabach, ziet al snel welke vergaande geopolitieke belangen ermee gemoeid zijn. Zelfs een land als India, dat je niet zou verwachten in deze regio, speelt een rol als wapenleverancier van Armenië, om de invloed van Pakistan tegen te gaan – dat zichzelf ziet als ‘broederstaat’ van Azerbeidzjan en Turkije. Het conflict over Nagorno-Karabach is een bijzonder explosief schouwtoneel van de nieuwe Koude Oorlog die zich momenteel aan het consolideren is. In dit conflict, waarin de imperialistische fantasieën van Bakoe en Ankara samenvallen met het grootmachtconflict over het voormalige Sovjetgebied, staat de winnaar nog niet vast. Maar de verliezers zijn degenen die tussen deze aanspraken op macht en grondgebied verpletterd worden. Tot nu toe zijn dat vooral de Armeniërs van Nagorno-Karabach.

Armenië zet in op het Westen

Na de oude Koude Oorlog werd Rusland de beschermende macht van Armenië. Dat is nu aan het veranderen; Armenië geeft aan dat het steun wil van het Westen. Ten eerste heeft Armenië zijn ambassadeur teruggetrokken uit de Verdragsorganisatie voor Collectieve Veiligheid (CSTO), een door Rusland geleid defensieverbond dat vanuit Armeens oogpunt nutteloos lijkt, aangezien de andere lidstaten Armenië niet te hulp zijn geschoten – niet in de oorlog van 2020, en niet in 2022, toen Azerbeidzjan Armeense stellingen onder vuur nam.

Ten tweede bereidt het Armeense parlement momenteel de ratificatie van het statuut van het Internationaal Strafhof voor. Hiermee wijst het parlement Rusland af, omdat het Strafhof een arrestatiebevel heeft uitgevaardigd tegen Vladimir Poetin. Ten derde wordt gemeld dat Armenië humanitaire hulp naar Oekraïne stuurt. Natuurlijk is deze hulp niet oorlogsgerelateerd voor Oekraïne. Maar het onderstreept wat de Armeense president al eerder heeft verklaard, namelijk dat Armenië de Russische oorlog tegen Oekraïne niet steunt.

Armenië zet weliswaar stappen in de richting van het Westen, maar de NAVO en de EU zullen hun Kaukasusbeleid niet op zijn kop zetten en Azerbeidzjan zo in de handen van Rusland of China drijven.


Het antwoord hierop kwam onmiddellijk. De VS kondigde aan dat ze halverwege september militaire oefeningen zou houden met Armenië. Een enorme blamage voor Rusland, en een duidelijk signaal aan Azerbeidzjan om zich niet voor te bereiden op een oorlog. Interessant genoeg krijgt Azerbeidzjan militaire en diplomatieke steun van NAVO-partner Turkije. En nog pikanter is dat Israël Azerbeidzjan van wapens voorziet, omdat Bakoe vanuit Jeruzalems standpunt een tegenmacht vormt voor Teheran.

Armenië zet weliswaar stappen in de richting van het Westen, maar de NAVO en de EU zullen hun Kaukasusbeleid niet op zijn kop zetten en Azerbeidzjan zo in de handen van Rusland of China drijven. Het Westen is er eerder op uit om tegelijkertijd de plaats van Rusland als ordemacht in te nemen en de energiebanden met Azerbeidzjan te waarborgen. Dit wordt ook bevestigd door het feit dat de EU sinds eind vorig jaar een gewapende waarnemingsmissie heeft gestuurd om de grensactiviteiten aan Armeense zijde in de gaten te houden.

Veel Duitse Twittergeneraals, die vanuit hun sofa’s de Oekraïense verdedigingsoorlog tegen Rusland leiden, halen voor Armenië nauwelijks hun schouders op. Het is je eigen schuld als je je inlaat met de Russen, is het refrein. Dit is hypocriet voor zover het argument om Oekraïne te steunen is dat een democratie het opneemt tegen een imperialistische dictatuur. Als dat de norm was, zou het Westen onmiddellijk het energiepartnerschap met Azerbeidzjan moeten beëindigen en Armenië van wapens moeten voorzien.

Dat Armenië zich van Rusland afkeert en zich richt op het Westen geeft aan hoe wanhopig de situatie van kleine landen met weinig grondstoffen is in een grootmachtconflict. Door zijn geografische en historische situatie had Armenië nooit een andere keus dan zich onder Russische hoede te plaatsen. Want met Turkije en Azerbeidzjan aan de linker- en rechterzijde, heeft het buurlanden die ofwel al genocide tegen Armeniërs hebben gepleegd en dat tot op de dag van vandaag ontkennen, ofwel in staat en bereid lijken om nieuwe grote misdaden te plegen. Dat Armenië zich nu losmaakt van Rusland is een late wanhoopsdaad. Of de wapens van het Westen de redder zullen zijn, valt te bezien. Eén ding is zeker: als er een Azerbeidzjaanse aanval komt, zal er bloed aan Duitse handen kleven.

Daniel Marwecki is als politicoloog verbonden aan het Department of Politics and Public Administration van de University of Hong Kong. Hij is auteur van het boek Germany and Israel. Whitewashing and Statebuilding 

Vertaling: Tina Hoenderdos

Abonneer je voor €20 en krijg toegang tot alle artikelen of voor €30 en ontvang dit jaar twee nummers op papier